Internationale waarde
De Westerschelde is de enige zeearm in de Zuidwestelijke Delta die nog in open verbinding staat met de Noordzee. Hierdoor blijft het natuurlijke ritme van eb en vloed behouden. Het is een belangrijk gebied voor allerlei soorten vissen, bodemleven en vogels. Sonja Weeda is al ruim zeven jaar werkzaam voor en in de Zuidwestelijke Delta en de Westerschelde. Als kustvogelspecialist voor Vogelbescherming Nederland zet ze zich in voor de bescherming van vogels en hun leefgebied.
Veel mensen kennen het Waddengebied, maar de Westerschelde is een net zo belangrijk voedselgebied voor vogels. Tienduizenden vogels van 42 broed- en trekvogelsoorten maken gebruik van de Westerschelde tijdens de vogeltrek, ieder voor- en najaar.
Belang van slikken en schorren
De Westerschelde is een zogenoemd intergetijdengebied, met schorren, slikken en geulen die continu in beweging zijn. “Deze afwisseling is de kracht van het gebied,” legt Weeda uit. “In het slik leven talloze bodemdieren, die op hun beurt weer voedsel zijn voor steltlopers zoals de grutto en de rosse grutto. En in het ondiepe water jagen soorten als visdief, lepelaar en dwergstern.”
Naast vogels herbergt de Westerschelde een rijk onderwaterleven, van trekvissen zoals de zeeprik en de fint tot zeehonden en zelfs bruinvissen. Het gebied kent daardoor een hoge biodiversiteit, die beschermd wordt onder de Europese Vogel- en Habitatrichtlijn en Natura 2000.
De waarde van dynamiek
De Westerschelde is uniek als estuarium vanwege het zogenaamde ‘meergeulensysteem’. In tegenstelling tot veel Europese estuaria met één dominante geul kronkelen hier meerdere geulen om zandplaten en eilanden heen. “Die natuurlijke dynamiek zorgt voor voortdurende verandering,” zegt Weeda. “Nieuwe platen ontstaan, verplaatsen zich en bieden weer nieuwe kansen voor planten en dieren. Dat maakt het landschap zo levendig.”
Bedreigingen aan het waterfront
Maar die natuur staat onder druk. Weeda onderscheidt twee grote bedreigingen voor de natuur in het gebied. Zo is door historische inpolderingen en de verdiepingen van de vaargeul het natuurlijke systeem veranderd. “We hebben het estuarium te veel ingesnoerd. Het is een racebaan voor het water geworden, met te weinig afwisseling waar natuur zich kan ontwikkelen,” aldus Weeda.
Daarnaast noemt ze de verstoring door de mens: scheepvaart maar ook toenemende recreatie levert veel verstoring op voor vogels en druk op kwetsbare natuur. De leefgebieden van vogels worden hierdoor steeds kleiner. “Kustbroedvogels als strandplevieren en bontbekplevieren worden verdreven van hun broedplekken. Ze zoeken hun toevlucht tot dijken, maar ook op die plekken neemt de recreatiedruk toe.”
Ruimte voor herstel
Toch zijn er ook kansen. Zo ligt er een enorme opgave om de komende decennia dijken te versterken. Om in de toekomst droge voeten te houden zijn nieuwe oplossingen nodig. Dat kan goed samengaan met natuurontwikkeling. De ontpoldering van de Hedwigepolder is volgens Weeda een positief voorbeeld. “Dat gebied wordt nu al volop gebruikt door vogels. Zulke projecten tonen aan dat natuurontwikkeling en waterveiligheid hand in hand kunnen gaan.”
Groene bondgenoten
Ook burgers kunnen het verschil maken. “Respecteer rustperiodes, houd je hond aan de lijn, blijf op de paden. Maar ook belangrijk: spreek je uit als het nodig is. Het initiatief Groene Bondgenoten helpt hierbij, door bijvoorbeeld handvatten te geven om lokale bestuurders aan te spreken. Want juist lokaal beleid heeft vaak grote gevolgen voor kwetsbare natuur.”
Dit artikel is eerder verschenen in ons tijdschrift ZEEUWS LANDSCHAP. Vraag gratis een proefnummer aan.