Een nieuwe verschenen rapport van het NIOZ bevestigt wat wij als Zeeuwse natuurbeheerder al langer zien: het natuurlijke meergeulensysteem van de Westerschelde is verstoord geraakt.

Verstoord systeem

Het nieuwe rapport De Westerscheldenatuur: Een mooie toekomst vraagt keuzes nu! van het NIOZ concludeert dat in de Westerschelde steeds meer slikken verdwijnen en het systeem kwetsbaarder wordt. De onderzoekers kwamen tot die conclusie na analyse van meer dan zeventig jaar aan data van Rijkswaterstaat. 

Directeur-bestuurder Rob van Westrienen:

“Als natuurbeheerder zien wij dagelijks hoe het landschap van de Westerschelde verandert en hoe kwetsbaar het systeem is geworden. Het wetenschappelijke rapport bevestigt dit. Het verlies aan slikken en de afname van biodiversiteit zijn zorgwekkend en onderstrepen de urgentie.”

Verdwijnen van slikken

Het onderzoek toont aan dat er steeds meer slikken verdwijnen, waardoor cruciale voedselgebieden voor vogels kleiner worden. Natura 2000-doelen raken nog verder uit zicht. Hoewel de Westerschelde onder de Europese Vogel- en Habitatrichtlijn valt, verkeert het gebied in een negatieve staat van instandhouding.

Deze conclusies komen overeen met onze waarnemingen op onder andere de Hooge Platen, de Plaat van Walsoorden, het Verdronken Land van Saeftinghe en het Zuidgors, waar we zien dat de platen snel ophogen. 

Unieke getijdennatuur

De Westerschelde is een uniek intergetijdengebied van internationale betekenis. Het landschap van slikken, schorren en geulen is voortdurend in beweging en vormt een dynamisch leefgebied. Tienduizenden vogels van tientallen soorten foerageren hier tijdens de voor- en najaarstrek. Op de slikken leven bodemdieren die onmisbaar zijn voor steltlopers, terwijl het water rijk is aan vissen, zeehonden en zelfs bruinvissen.

Het rapport is te downloaden op de website van het NIOZ.

Lepelaar Hedwigepolder