| D'aegen; Walcheren weer tuin van Zeeland
Inleiding
Tot de oorlogsinundatie in 1944 was Walcheren kleinschalig en onregelmatig verkaveld, en er was in bepaalde gedeelten een netwerk van doornheggen aanwezig. De meidoornheggen die de landbouwperceeltjes omzoomden, fungeerden honderden jaren als afscheiding voor het vee. Tot 1944 vormden deze graslandheggen samen met de erfbeplanting, geriefhoutbosjes en enkele landgoedbossen, de kern van een karakteristiek Walchers Landschap; men sprak van de Tuin van Zeeland. Stichting Landschapsbeheer Zeeland en Het Zeeuwse Landschap hebben samen Stichting d'Aegen opgericht voor de uitvoering van het project d'Aegen; Walcheren weer de Tuin van Zeeland.
Landschapshistorie
Op het Walcheren van voor 1944 waren lang niet overal graslandheggen aanwezig. Waar ze wel en niet voorkwamen werd geheel bepaald door de eigenschappen van de grond en het grondwater. Die verschillen in bodemopbouw zijn terug te brengen op de ontstaansgeschiedenis van Walcheren. De Polder Walcheren, een oudlandgebied, bestaat uit lager gelegen grootschalige poelgebieden die doorsneden worden door een netwerk van grotere en kleinere kreekruggen. In de kleiige poelgebieden is vaak nog veen in de ondergrond aanwezig, en is de grond in het algemeen natter en zwaarder dan die van kreekruggen. De poelgebieden waren voor 1944 alleen geschikt voor grasland. Door de lage ligging van de poelgebieden, mede veroorzaakt door de veenwinning, het moeren, in de Middeleeuwen, en het brakke grondwater, konden hier nauwelijks heggen tot ontwikkeling komen. Bovendien waren heggen hier als veekering ook niet noodzakelijk, want het waterpeil in de meeste sloten van de poelgebieden bleef ook 's zomers hoog genoeg om als veekering te fungeren. De grote kreekruggen, die 1 tot 2 meter hoger liggen dan de poelgronden, vormden en vormen de ondergrond voor steden, dorpen en wegen. En daarnaast vond en vindt er op de kreekruggengronden akkerbouw en fruitteelt plaats. Hier waren dus geen veekerende heggen noodzakelijk.
Waar wél graslandheggen op grote schaal aanwezig waren was het gebied van de kleiplaatgronden. Het plangebied voor het nieuwe heggenplan bestaat voor een groot deel uit kleiplaatgrond. In dergelijke grond is nauwelijks veen aanwezig. Moernering heeft hier niet plaatsgevonden, waardoor het gebied hoger ligt dan de poelgebieden. De bovenlaag van kleiplaatgrond wordt gevormd door kalkarme zware klei, waardoor die grond, in de situatie van voor 1944, meestal alleen geschikt was voor grasland. Waar kleiplaatgrond was, vielen de sloten 's zomers droog, waardoor ze ongeschikt waren om als veekering te fungeren. Vandaar dat hier een landschap aanwezig was dat gekenmerkt werd door een netwerk van veekerende heggen die langs de randen van de percelen stonden.
In het huidige Walcheren vormt de oorspronkelijke landschapsontwikkeling nog in redelijke mate de basis voor het totale landschapsbeeld. Ook met het heggenplan van Het Zeeuwse Landschap en Landschapsbeheer Zeeland wordt bewust aangehaakt op het oorspronkelijke Walcherse landschapsbeeld. Zo blijft het landschap historisch gezien ‘leesbaar' en verantwoord, wordt landschappelijke versnippering voorkomen, en worden oude, streekeigen kwaliteiten versterkt, zonder dat hier gestreefd wordt naar een exacte replica van het vroegere landschap.
Bloemen, vogels en vlinders
Van een afstand zorgt een netwerk van heggen voor een zeer kenmerkend en gevarieerd landschap, zoals bijvoorbeeld in de omgeving van Nisse in de zak van Zuid-Beveland. En van dichtbij maken heggen het landschap levendig en spannend, met volop vogelzang, vlinders, hommels en bijen, en vaak een uitbundige rijkdom aan bloemen of bessen. In het vroege voorjaar begint het met de bloei van sleedoorns, gevolgd door onder andere de massale bloei van fluitenkruid langs heggen, bloeiende meidoorns en daarna onder andere rozen en bramen. Behalve de struiken zelf is de kruidenondergroei in en langs heggen vaak gevarieerd, en slingeren er klimplanten zoals haagwinde, bitterzoet en heggerank door het struweel.
De vogelrijkdom van oudere heggen is vaak groot. Kleine zangvogels als fitis, braamsluiper, tuinfluiter, zwartkop en grasmus broeden er in hoge dichtheden. Ook voor enkele soorten die landelijk de laatste jaren achteruit gaan, zoals kneu en spotvogel, vormen heggen een goed broedgebied. In de herfst en winter vormen de vruchten en bessen van de heggen een belangrijke voedselbron voor vogels. Onder de heggen leven onder andere egels en muizensoorten, waardoor heggen ook de stand van de torenvalk, kerkuil of, zo mogelijk ook de steenuil bevorderen.
D'Aegen
Het verlies van landschapselementen is niet onomkeerbaar, daarom zijn Stichting Het Zeeuwse Landschap en Stichting Landschapsbeheer Zeeland in 2004 gestart met het project ‘d'Aegen: Walcheren weer de Tuin van Zeeland'. Dit project maakt het voor agrariërs en andere grondgebruikers aantrekkelijk om heggen en geriefhoutbosjes aan te planten of poelen aan te leggen. Dit wordt bereikt doordat deelnemers aan het project in ruil voor de aanplant en het onderhoud van een landschapselement jaarlijks een vergoeding ontvangen.
Als projectgebied is gekozen voor het noorden van Walcheren, zodat de heggen verspreid worden over een beperkt gebied en er een echt heggenlandschap kan ontstaan.
In 2006 zijn er bij negen verschillende deelnemers een kleine drie kilometer heg, twee geriefhoutbosjes en vier poelen gerealiseerd.
De eerste stappen voor de ontwikkeling van een heggenlandschap zijn gezet!
In 2008 is gestart met de voorbereiding om het aantal deelnemers en het aantal landschapselementen nog verder uit te breiden.
Stichting d'Aegen
Om uitvoering te geven aan d'Aegen is een aparte stichting opgericht, stichting d'Aegen. Het bestuur van deze stichting bestaat onder andere uit drie geborgde bestuursleden, waarvan één wordt benoemd door Stichting Het Zeeuwse Landschap, één door Stichting Landschapsbeheer Zeeland en één door de Agrarische natuurvereniging Natuurlijk Walcheren.
De samenstelling van het bestuur is momenteel als volgt:
A.C. de Bruijn (voorzitter)
L.A. Adriaanse (secretaris/penningmeester, namens Stichting Het Zeeuwse Landschap)
L. Coppoolse (namens Stichting Landschapsbeheer Zeeland)
J. Wisse (namens Agrarische vereniging Natuurlijk Walcheren)
U.T. Hoekstra
De aanleg van alle elementen is gefinancierd door Provincie Zeeland.
Stichting d'Aegen heeft voor het uitbetalen van de jaarlijkse vergoedingen een landschapsfonds ingesteld bij Het Nationaal Groenfonds. Het Nationaal Groenfonds financiert projecten voor natuur, bos en landschap en geeft financieel advies over natuurprojecten voor zowel overheden, particulieren als particuliere organisaties. Het Nationaal Groenfonds is betrokken bij de oprichting van meerdere landschapsfondsen waarbij het landschapsfonds d'Aegen het eerste fonds was dat daadwerkelijk geopend werd.
Het fonds is gevuld met bijdragen van Stichting Het Zeeuwse Landschap, Stichting Landschapsbeheer Zeeland, Gemeente Veere, Rabobank, Camping de Pekelinge, het notariskantoor Janse de Jonge en Van Wouwe en Moduspec.
|